You are here

Beleggingen

 

Het beleggingsbeleid is gericht op het op lange termijn garanderen van de nominale pensioenen, alsmede het streven om op de opgebouwde pensioenen van (gewezen) deelnemers en pensioengerechtigden jaarlijks een toeslag te verlenen. Om deze doelstelling te bereiken is het van het grootste belang dat de beleggingsresultaten van het pensioenfonds op lange termijn met aanvaardbare risico’s zo hoog mogelijk zijn.

De cyclus van het pensioenfonds begint bij missie, governance en investment beliefs. In deze eerste stap worden de doelstellingen, inrichting van het pensioenfonds inclusief taken en verantwoordelijkheden alsmede de beleggings­overtuigingen (investment beliefs) vastgesteld en toegelicht.

De tweede stap gaat in op het strategisch beleggingsbeleid (risicobudget). In deze stap wordt gezocht naar een beleggingsportefeuille die aansluit bij de risicohouding en doelstellingen van het pensioenfonds. Het bestuur maakt hier onder andere gebruik van een ALM studie om verschillende portefeuilles in verschillende scenario’s te onder­zoeken. Het bestuur kiest – in nauw overleg met de beleggingscommissie, fiduciair vermogensbeheerder en ALM consultant – uiteindelijk een strategische portefeuille die het best aansluit bij de doelstellingen van het pensioen­fonds en die past binnen de risicohouding zoals die overeengekomen is met de sociale partners.

In de derde stap stelt het pensioenfonds een beleggingsplan op. Het jaarlijkse beleggingsplan is de vertaling van de eerder gekozen strategische portefeuille naar de beleggingsportefeuille van het komende jaar. Dit beleggings­plan wordt – in nauw overleg met de beleggingscommissie en fiduciair vermogensbeheerder – opgesteld en uiteindelijk vastgesteld door het bestuur.

De vierde stap betreft de implementatie van het beleggingsplan naar een beleggingsportefeuille. Voor het pensioenfonds is het beheer van het vermogen, inclusief rente- en valuta-afdekking, uitbesteed aan de fiduciair vermogensbeheerder. Het bestuur stelt – in nauw overleg met de beleggingscommissie en fiduciair vermogens­beheerder – de vermogensbeheerders voor de verschillende onderdelen van de beleggingsportefeuille aan. Alle vermogensbeheerders werken op basis van schriftelijk vastgelegde instructies en richtlijnen.

De laatste stap, monitoring en evaluatie, gaat na of het beleggingsbeleid wordt uitgevoerd zoals beoogd maar daarnaast ook of het gekozen beleggingsbeleid nog steeds past bij de doelstellingen van het pensioenfonds. Hiervoor ontvangt het pensioenfonds verschillende rapportages van zowel de (fiduciair) vermogensbeheerders als de custodian. Tijdens bestuursvergaderingen en vergaderingen van de beleggingscommissie wordt aandacht besteed aan de verschillende rapportages. Op basis hiervan kan een wijziging in het beleggingsbeleid zoals bijvoorbeeld het vervangen van een vermogensbeheerder worden doorgevoerd.

De verdeling van de beleggingsportefeuille op basis van het strategisch beleggingsbeleid en het beleggingsplan 2021 ziet er als volgt uit: